30-jan-2004

Progressief manifest

Afgelopen zaterdag publiceerde Trouw een 'progressief manifest', geschreven door Dick Pels. Zoals van een dergelijk manifest verwacht kan worden, ontbrak de aanval op hoge inkomens niet. Dit keer moesten niet alleen de topmanagers het ontgelden, maar ook topvoetballers als Kluivert.

Vanwaar die weerzin tegen veelverdieners? Kluivert is afhankelijk van de vrijwillige bijdragen van de massa supporters die iedere week flink wat geld neertelt om in het stadion zijn kunsten te mogen aanschouwen. Dit doen die supporters omdat ze het aanschouwen van Kluivert’s kunsten meer waard achten dan het geld dat ze ervoor neertellen. Het feit dat Kluivert veel verdient, betekent eenvoudig dat hij met zijn sportbeoefening het leven van veel mensen verrijkt. Op de vrije markt geldt: hoe meer je anderen met je diensten verrijkt, hoe meer ze bereid zijn ervoor te betalen, en hoe meer je verdient. Wie, zoals de progressief, meent dat het een goede zaak is om je medemensen van dienst te zijn, zou dus niet de hoge inkomens moeten verafschuwen, maar juist de lage inkomens. Bijvoorbeeld de korfballer die louter voor zijn eigen zelfzuchtige plezier korfbalt, en verder nauwelijks iemand een plezier doet met zijn activiteiten. Precies het omgekeerde gebeurt: de korfballer wordt geprezen omdat hij zo weinig verdient, en Kluivert wordt aangevallen omdat hij zoveel verdient. Waarom?

Het manifest biedt een verklaring. “Wie is zo arrogant dat hij zichzelf dertig keer, honderd keer, duizend keer meer waard acht dan een ander?” aldus de aanklacht van Pels. Kortom: iemands waarde wordt volgens Pels uitgedrukt door wat hij verdient; niemand is dertig keer meer waard dan een ander; daarom mag niemand dertig keer meer verdienen dan een ander. Het raadsel is opgelost: Pels meent dat het leveren van diensten in ruil voor geld de enige manier is waarop een mens van waarde kan zijn (anders zou iemands waarde niet kunnen afgemeten aan het geld dat hij verdient). Pels’ afkeer jegens hoge inkomens is de afkeer van de proleet die denkt dat iets alleen waarde kan hebben als er geld voor wordt betaald, en dat buiten de markt niets van waarde bestaat.

Bart Croughs

Deze column verscheen eerder in HP/De Tijd

Gerelateerde link:
- Progressief Manifest

Plaats reactie - 4 reactie(s):

30-jan-2004    johannes

Ik genoot van deze column tot de laatste paar zinnen.

Het verdienen van geld is een uiterst morele daad, zolang het maar op vrijwillige basis gebeurt en binnen de vrijheid en rechten van een individu valt en deze de rechten en vrijheid van een ander niet aantast. Als je op deze wijze veel verdient is dat dus heel, heel, heel moreel.


30-jan-2004    Allure

Progressieven hebben sowieso een merkwaardige verhouding met geld. Enerzijds vinden ze het hebben van veel geld verderfelijk (hoewel ze nooit de moeite nemen bij welk bedrag dat 'veel' begint en waarom), anderzijds vinden ze het volstrekt normaal om bij de 'rijken' zoveel mogelijk geld af te pakken voor herverdeling zodat dat de 'kansarmen' ten goede kan komen.

Uiteraard zijn die 'rijken' dan doorgaans mensen die meer verdienen dan de progressief zelf (en stijgt het inkomen van de progressief, dan stijgt de grens waarboven 'rijk begint evenredig mee).

Maar als het hebben van geld zo verderfelijk is, waarom dan die geliefde kansarmen daarmee opzadelen? Je zou die zwakkeren in de samenleving zo maar met het geldvirus op kunnen zadelen!
Je zou bijna gaan denken dat ze helemaal niets begrijpen van zaken als vraag en aanbod, vrijwilligheid, het niet bestaan van de magische formule die ten allen tijde het juiste salaris kan bepalen enz.

Maar het is natuurlijk ook gewoon mogelijk dat er sprake is van jaloezie, en dat mensen als Pels onbewust denken 'als ik niet in staat ben om miljoenen te verdienen, dan mogen mensen als Kluivert dat ook niet'.

Maar ja, ik zie meneer Pels nog niet een voetbalstadion vol krijgen met zijn kunsten! :-)


30-jan-2004    peter - pburrieGEEN@SPAMhotmail.com

Alleen jammer dat voetballers infeite betaald krijgen doordat clubs veel geld krijgen voor uitzendrechten (tot zo ver niks mis mee), maar meestal betaald de NOS de rechten. De nos krijgt weer zijn inkomsten van de staat. Dus infeite is kluivert een ambtenaar.

En: a) ik heb een hekel aan ambtenaren, en b) ik heb een nog grotere hekel aan ambtenaren die dankzij mijn harde werken en belasting betalen veel geld verdienen.


06-feb-2004    Arjan van Loon

Tot voor kort meende ik ook dat salarissen van managers zo hoog behoorden te zijn als de markt maar wilde betalen. Ik heb echter mijn mening moeten bijstellen na het lezen van het boek 'trust' van de klassiek-liberale filosoof Francis Fukuyama. Hij betoogt daarin dat landen als Duitsland, Amerika en Japan in staat zijn geweest om grote innovatieve ondernemingen te scheppen door de grotere mate van vertrouwen die mensen in deze culturen hebben in elkaar. In landen als Frankrijk en Zuid-Italië gaat vetrouwen niet verder dan de familiebanden en hierdoor is het veel moeilijker om grote ondernemingen te vormen.

Grotere ondernemingen hebben een aantal voordelen aldus Fukuyama. De grotere schaal maakt het mogelijk om te concurreren in nieuwe kapitaalintensieve bedrijfstakken. Verder zorgt het onderling vertrouwen ervoor dat transactiekosten laag blijven. In 'low-trust societies' kunnen grote ondernemingen alleen gevormd worden met behulp van de overheid. het resultaat zijn uiteraard logge bureaucratische organisaties die bovendien gestuurd worden door politieke in plaats van economische motieven.

Het punt is dat vertrouwen in een onderneming van alle kanten moet komen, van secretaresse tot directeur.

Werknemers zullen geen stap meer doen dan nodig voor een bedrijf waar managers hun zakken te veel vullen. Eigenlijk zijn, op die manier bekeken, zowel het gedrag van de werknemer en van de manager symptoom van afnemend vertrouwen en sociaal kapitaal binnen een samenleving zoals beschreven door Robert Putnam.

Hoewel ik er niet voor ben dat één of andere rare socialist gaat verbieden dat managers meer mogen verdienen, zit er mijns inziens wel iets in de kritiek op de managers.

Aan de andere kant snap ik ook wel dat topmanagers hun reputatie op het spel zetten door een moeilijke functie als topman in een competatieve globaliserende onderneming aan te nemen. Daar behoort natuurlijk wel een aardig salaris bij.


 
 
Printversie Email dit artikel




MeerVrijheid 2001 - 2007