15-okt-2005

Vrijheid in Kleine Staten: Zwitserland en Directe Democratie


Zwitserland: onafhankelijk, democratisch en welvarend
Tot de 17de eeuw bestond Europa uit honderden kleine staten die in de loop van de volgende drie eeuwen verdwenen toen het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Duitsland en Italië werden gevormd. Zwitserland, Nederland en de Scandinavische landen ontsnapten aan de opslokking door grotere buren.

Zwitserland is de enige meertalige en plurireligieuse niet-artificiële staat in de wereld. Het kon zijn onafhankelijkheid bewaren omdat de verdediging van hun vrijheid tegenover vreemden voor de Zwitsers belangrijker was de noodzaak om zich tegen elkaar af te zetten omwille van verschillen in taal en godsdienst. Het feit dat vrijheid belangrijker woog dan onderlinge verschillen, was te denken, zo benadrukt Curzon-Price, aan het feit dat de Zwitsers zich intern in kleine, vaak erg homogene eenheden organiseerden. Ook vandaag ligt de werkelijke macht in Zwitserland (7,2 miljoen inwoners) niet bij de federale overheid, en zelfs evenmin bij de 26 kantons, maar grotendeels bij de 2.914 gemeenten.

“Zwitserland,” aldus Curzon-Price, “is samen met de Verenigde Staten, één van de weinig werkelijke contractuele staten. Het kwam tot stand door een reeks vrijwillige verdragen tusssen kleine sovereine entiteiten […]. Bijgevolg verbaast het me niet dat het niet is toegetreden tot de Europese Unie, waarvan Frankrijk en Duitsland – oude vijanden van de Zwitsers ondanks hun taalkundige en culturele verwantschap – stichtende leden zijn.”

Directe democratie

Uiterst belangrijk voor het vrije en vrijwillige karakter van de Zwitserse staat is de directe democratie. Dat stelsel bestond in de oude Ijslandse republiek (11de tot 13de eeuw) en in de middeleeuwse Nederlanden eveneens. Evenals in Ijsland (tijdens de jaarlijkse Althing) als in de Vlaamse steden (bv. de Gentse Vrijdagmarkt) namen de Zwitsers hun politieke beslissing collectief op een openbare volksvergadering. In Ijsland en de Nederlanden werd dit systeem door vreemde heersers opgedoekt. In Zwitserland ontwikkelde het zich tot het unieke stelsel dat het land vandaag heeft.

De Zwitserse burgers mogen op geregelde tijdstippen (vier keer per jaar) stemmen over allerlei concrete voorstellen, op gemeentelijk, kantonaal, zowel als federaal vlak. Hun gehechtheid aan de directe democratie is de werkelijke reden waarom de Zwitsers nooit tot de EU kunnen toetreden, want elke EU-richtlijn zou in Zwitserland aan een referendum moeten worden onderworpen.

'Hun gehechtheid aan de directe democratie is de werkelijke reden waarom de Zwitsers nooit tot de EU kunnen toetreden, want elke EU-richtlijn zou in Zwitserland aan een referendum moeten worden onderworpen.'
Het feit dat de Zwitsers niet van de EU willen weten, betekent niet dat zij gekant zijn tegen vrijhandel (de reden waarvoor de EU werd opgericht). Beperkingen op vrijhandel zijn in Zwitserland nagenoeg onmogelijk, zo legt Curzon-Price uit. In alle andere parlementaire democratieën proberen politici hun stemmenpotentieel voortdurend te vergroten door nog een bijkomend groepje kiezers te “kopen.” Dat gebeurt door die marginale groep (“marginaal” in economische betekenis (de laatst bijkomende fractie), al gaat het dikwijls inderdaad om marginale groepen) een protectionistisch voordeel te verschaffen waarvan de overige kiezers zich vaak niet onmiddellijk bewust zijn. Alhoewel die laatsten er vaak financieel nadeel van ondervinden, zijn ze rationeel onwetend van dit nadeel. Ze worden zich meestal pas bewust van hetgeen er gebeurde wanneer de beslissing reeds genomen is en het te laat is om de maatregel ongedaan te maken. In Zwitserland kan zoiets niet, aldus Curzon-Price, omdat “elk voorstel om taksen te heffen op een bepaald product het land onmiddellijk verdeelt in zijn vele tegenstellingen: religieus, etnisch, taalkundig, professioneel, geografisch, enz. De winnaars en de verliezers worden onmiddellijk geidentificeerd, terwijl de verliezers een storm van protest kunnen ontketenen met de dreiging van meerdere referenda die de door politici genomen maatregelen ongedaan maken. Zwitserland mag dan theoretisch een majoritaire federale parlementaire democratie zijn, met lager- en hogerhuizen op federaal zowel als kantonaal niveau, de Zwitserse politici weten dat zij een zeer brede consensus achter zich moeten krijgen voor elke politieke beslissing die ze willen nemen.” Het voeren van een ‘doelgroepenbeleid’ door politici is zo goed als onmogelijk.

Daardoor wordt in Zwitserland een fenomeen vermeden dat bij ons zeer frequent voorkomt: het free-rider principe, waarbij bepaalde groepen zich een voordeel proberen te verschaffen waarvoor niet zij, maar anderen de prijs hebben moeten betalen. Er zijn in Zwitserland ook free-riders of van overheidswege beschermde groepen, zoals de boeren, maar hun voorrechten hebben een historische grondslag en steunen op een brede basis bij het volk dat bereid is hiervoor te betalen.

Geen financiële transfers

Zo valt het op dat Zwitserland bijna geen gesubsidieerde industrieën heeft, dat de overheid geen industrieel beleid voert en dat er nagenoeg geen interkantonale fiscale transfers bestaan. De belastingtarieven in de diverse kantons lopen sterk uiteen. Dat is ook het geval met de 2.914 gemeenten. Bij ons beweert Elio Di Rupo dat er geen sprake mag zijn van sterk divergerende belastingstelsels tussen Vlaanderen, Brussel en Wallonië omdat anders het land uit elkaar zal vallen. Zwitserland met zijn 7,2 miljoen inwoners heeft zo’n drieduizend autonome politieke beslissingscentra, die gemiddeld elk zo’n 2.400 inwoners hebben, waarvan zo’n 1.800 kiezers. Dit betekent dat de stem van de kiezer 1/1.800 waard is, terwijl het bij ons 1/700.000 is. De invloed van de individuele kiezer is daardoor vele malen groter, want zijn stem telt werkelijk mee, zelfs indien men geen directe democratie maar een stelsel van zuiver representatieve vertegenwoordiging zou hebben.

Wanneer men de Zwitserse overheidsuitgaven bekijkt, stelt men vast dat ongeveer een derde besteed wordt door de federale, een derde door de kantonale en een derde door de gemeentelijke overheden. Onderhandelingen tussen de verschillende gemeenschappen zijn alleen vereist op het federale niveau. De andere beslissingsniveaus bestaan uit lokale, vaak heel homogene sociale groepen, waarbij in kleine gemeenten iedereen bijna iedereen persoonlijk kent. Indien iemand door de overheid bevoordeligt zou worden ten nadele van ander – hetzij door free-riding (ergens profijt uit halen zonder eraan mee te betalen) hetzij door rent-seeking (ergens profijt uit halen door anderen te benadelen – is dat onmiddellijk voor iedereen zichtbaar.

Paul Belien

Deel Twee - de Vlaktaks
Deel Vier - Secessie

Paul Belien (1959) heeft een graad in de rechten (specialisaties in Sociale Zekerheidsrecht en Europees recht) en een doctoraat in Internationale studies. Hij werkte als professioneel journalist in zowel België als Nederland van 1982 tot 1994, toen hij de in Brussel gevestigde klassiek-liberale denktank Centre for a New Europe oprichtte. Van 1994 tot 2000 was hij managing director en research director van het CNE tot hij vertrok om zijn PhD dissertatie te schrijven en zijn vijf kinderen te homeschoolen.
Paul Belien is redacteur voor het Vlaamse kwartaalblad Secessie en de hoofdredacteur van de conservatieve The Brussels Journal. Belien is lid van de Mont Pelerin Society en was één van de 'founding fathers' van de Vlaamse liberale partij VLD. Hij vetrok daar echter toen het duidelijk werd dat de leider van de VLD, Guy Verhofstadt, een meer linkse en neutrale in plaats van een Hayekiaanse/libertarische en Atlantische koers ging varen.
Dit artikel verscheen eerder in Secessie en The Brussels Journal.



Plaats reactie - 7 reactie(s):

17-okt-2005    Anarchowitz - berlusconi5GEEN@SPAMhotmail.com

Goh wat zou ik daar graag willen leven. Goede banken, goed verdienen, een transparante democratie, goed uin toom gehoudne politici. Waarom zouden wij Hollanders dat Zwitserse systeem niet gaan kopiëren?


17-okt-2005    Armin

Zwitserland kent een aantal zeer positieve kenmerken die wij zeker zouden kunnen overnemen, maar die (blinde) voorliefde die sommige libertariers hebben voor dat land is echter weer misplaatst, want een aantal andere zaken daar zijn weer heel onlibertarisch en zeker geen voorbeeld.

Zwitserland mag dan bijna geen gesubsidieerde industrieën hebben, geen industrieel beleid voeren en geen interkantonale fiscale transfers hebben, maar hun totale belastingen zijn wel degelijk hoog. En een heel groot deel van hun GDP wordt bepaald door staatsuitgaven.

Zoals we hier inmiddels weten via de vele artikelen op deze site, levert dat geen structurele groei op, maar remmen de daarvoor benodigde hoge belastingen wel de groei van de private sector. De totale economische groei aldaar is dus ook al jaren gemiddeld lager dan
in de meeste andere West-Europese landen.

Ze hebben dus nog steeds een lekker hoog GDP, maar elke paar jaar haalt (zelfs/bijvoorbeeld) Nederland ze weer wat verder in!
Zie o.a.

http://www.workforall.org/assets/images/Webleaflet.gif
http://www.oecd.org/oecd/images/portal/cit_731/51/46/25594870CHE_GDPcapita_e.gif

Ook is hun staatschuld als % van het GDP groter dan bijvoorbeeld de onze. Dit geeft uiteraard een verdere rem op hun groei. Ook kampen ze daar net als de rest van de EU met een behoorlijk tekort op de begroting. Nederland doet het niet echt slechter bijvoorbeeld.

http://www.oecd.org/oecd/images/portal/cit_731/51/1/25599729CHE_fiscalBal_e.gif

Dus ja, qua democratie kunnen wij behoorlijk wat van hen leren, en bijvoorbeeld qua welzijn blijken de Zwitsers (daarom?) keer op keer erg goed te scoren, maar het beeld zoals hier gebracht is iets te kort door de bocht.

Overigens verder wel een uitstekend stuk! Dus zie dit enkel als opbouwende kritiek.


17-okt-2005    Owl

Directe democratie lijkt me op zich een goede vervanging van representatieve democratie. In ieder geval heb je dan niet niet 150 Tweedekamerleden, plus 75 Eerstekamerleden, nog tientallen tot honderden provinciale en gemeentelijke politici die niets anders te doen hebben dan nieuwe populistische maatregelen en problemen bedenken om "op te lossen". Maar dan moeten ze wel echt vervangen worden met referenda, en niet aangevuld, want anders krijg je het slechtste van twee werelden.
En die directe democratie kan toch het beste binnen strenge kaders van burgerrechten en andere gezonde algemene regels blijven. Bijvoorbeeld een regel die verbiedt dat er een begrotingstekort mag zijn. Anders zal een slecht geïnformeerde bevolking alsmaar meer "nuttige" of "leuke" programma's bedenken, zoals "gratis" gezondheidszorg, onderwijs, etc., terwijl ze niet zullen stemmen voor de daarvoor noodzakelijke belastingverhogingen. Behalve misschien als ze die belastingen kunnen afwentelen op de rijken.


17-okt-2005    Wak

Frankrijk was al één land vanaf de Middeleeuwen.
Duitsland was een keizerrijk.
Oostrenrijk-Hongarije is juist uiteengevallen, net als de Scandinavische unie en het Verenigd Koninkrijk.

Eerst boeken lezen, dan dingen gaan beweren.


18-okt-2005    K. WInkelaar

Wak: lees dan eerst eens een boek over de geschiedenis van Duitsland. Denk aan Pruisen, en al die andere landjes die uiteindelijk Duitsland zijn gaan heten.


18-okt-2005    martin

Of lees bijvoorbeeld 'Rise and Decline of The State' van Martin van Creveld


18-okt-2005    Owl

Wak,

Oostenrijk-Hongarije was een despotische centralistische staat gebaseerd op de verwervingen en verervingen van de Habsburg-dynastie. Met een duidelijke discriminatie tegen de overgrote meerderheid van niet-Duitstalige minderheden. Alleen de Hongaren kregen na dreiging van revolutie een zekere mate van onafhankelijkheid. En ook in de unie van Nederland met de Zuidelijke Nederlanden waren er nogal wat problemen met een despotische koning die de neiging had zijn protestantse Nederlandstalige Noorderlingen te bevoordelen t.o.v. van de katholieke en vaak Franstalige Zuiderlingen en ook de neiging had economische interventies te plegen die niet bepaald in het voordeel van het Zuiden waren (en uiteraard ook niet het Noorden, maar dan minder). Nogal logisch dat zulke staten op den duur het loodje leggen. Dat pleit juist voor meer federalisme, niet tegen.


 
 
Printversie Email dit artikel




MeerVrijheid 2001 - 2007